Bel ons op: 015-7009731

Oefeningen

cmc1 oefening

Oefening 1

Doel: trainen van juiste duimpositie met ondersteuning

  1. Maak een ontspannen vuist en leg deze op tafel met de duimzijde naar boven.
  2. Laat het topje van de duim rusten op het topje van de wijsvinger.
  3. Zorg dat de denkbeeldige “C-boog” (de oranje lijn) in stand blijft.
  4. Als moeilijk is en de duim inzakt, gebruik dan je andere hand om de duim te ondersteunen.
  5. Als dit goed gaat kun je lichtjes wat druk zetten tussen de duim en wijsvinger maar zorg ervoor dat de C-boog in stand blijft.

Aandachtspunten: Het 2e kootje van de duim mag niet inzakken zoals op de foto te zien is.

Oefening 2

Doel: trainen van juiste duimpositie

  1. Maak een ontspannen vuist en leg deze op tafel met de duimzijde naar boven.
  2. Laat het topje van de duim rusten op het topje van de wijsvinger.
  3. Zorg dat de denkbeeldige “C-boog” (de oranje lijn) in stand blijft.
  4. Als dit goed gaat kun je lichtjes wat druk zetten tussen de duim en wijsvinger maar zorg ervoor dat de C-boog in stand blijft.

Aandachtspunten: Het 2e kootje van de duim mag niet inzakken zoals op de foto te zien is.

Oefening 3

Doel: trainen van stabiliteit van de duim – gesloten keten

  1. Maak een ontspannen vuist en leg deze op tafel met de duimzijde naar boven.
  2. Laat het topje van de duim rusten op het topje van de wijsvinger.
  3. Zorg dat de denkbeeldige “C-boog” (de oranje lijn) in stand blijft.
  4. Verstoor met de andere hand de positie van de duim in alle richtingen. Maar zorg dat de duim niet inzakt.

Aandachtspunten: Het 2e kootje van de duim mag niet inzakken zoals op de foto te zien is.

Oefening 4

Doel: trainen van stabiliteit van de duim – open keten

  1. Maak een ontspannen vuist en leg deze op tafel met de duimzijde naar boven.
  2. Zorg dat het topje van de duim ongeveer 2 a 3 cm boven het topje van de wijsvinger staat.
  3. Zorg dat de denkbeeldige “C-boog” (de oranje lijn) in stand blijft.
  4. Verstoor met de andere hand de positie van de duim in alle richtingen. Maar zorg dat de duim niet inzakt.

Aandachtspunten: Het 2e kootje van de duim mag niet inzakken zoals op de foto te zien is.

TGE

Oefening 5

Doel: Geleiding van de pezen bevorderen

  1. A) Vingers recht
  2. B) beweeg door naar de haakvuist
  3. C) beweeg door naar de volle vuist
  4. D) beweeg door naar de platte vuist
  5. E) eindig met het dakje

Aandachtspunten: probeer alle posities enkele seconden vast te houden. Echter dit is niet altijd mogelijk vanwege zwelling van de vingers.  Probeer ondanks de beperking toch de oefening rustig, pijnvrij uit te voeren. Kijk hoever u komt, maar forceer niet.

Oefening 6

Doel: pip blokoefening

Oefening 7

Doel: dip blokoefening

pip flexie

Oefening 8

Doel: pip geïsoleerd buigen

Oefening 9

Doel: Geleiding van de pezen bevorderen

  1. Laat de hand ontspannen hangen. 5 seconden vasthouden
  2. Strek de pols vervolgens waarbij de vingers ontspannen blijven. 5 seconden vasthouden.

Aandachtspunten: er mag alleen actief gestrekt en gebogen worden vanuit de pols. De vingers blijven ontspannen

pols training

Oefening 10

Doel: Juiste polspositie aannemen. Deze positie is van belang om het polsgewricht optimale stabiliteit te verlenen.

  1. Maak een ontspannen vuist
  2. De 3e knokkel, komt in het midden van de pols
    De pols staat nu iets naar de pinkzijde toe. Dat is goed.
  3. Zorg tevens voor een lichte strekking in de pols.
  4. In het voorbeeld heeft de hand een licht gewichtje (0,5kg). Het is nu duidelijker dat de hand niet recht staat.

Aandachtspunten: probeer een ontspannen vast te maken

Oefening 11

Doel: coördinatie / stabiliteit verbeteren

Aandachtspunten:

Oefening 12

Doel: stabiliteit pols verbeteren / mobiliteit en coördinatie vingers verbeteren

  1. Draai de golfballetjes / knikkers rustig linksom of rechtsom.
  2. Doe dit enkele minuten tot de vermoeidheid komt opzetten. 

Aandachtspunten:
1) bij letsel aan een vinger(s) zal dit een lastige oefening zijn. Probeer gefocust de oefening uit te voeren. Kleinere knikkers kan de oefening makkelijker maken.

2) als je deze oefening voor de pols gebruikt, probeer dan de pols recht te houden

Oefening 13

Doel: mobiliteit van de pols verbeteren

  1. probeer de bal voor- en achterwaarts af te rollen met de pols, zodat de polls buigt en strekt.
  2. probeer de bal tevens zijwaarts af te rollen.

Aandachtspunten:

Oefening 14 

Sponjesoefening

Doel: mobiliteit / kracht van de vingerbuigers verbeteren

  1. Pak een paar grote sponzen en knip deze in verschillende stukjes. Varieer van grootte, van 2x2cm, 3x3cm 4x4cm. 
  2. Pak met de aangedane hand een voor een de sponsjes. Doe dit tot de hand vol is.
  3. Herhaal de oefening.

Aandachtspunten: wanneer na letsel de hand nog kwetsbaar is, forceer vooral niet. Probeer rustig de oefening uit te voeren.

 

Oefening 15

Spreiden / Sluiten

Doel: vocht afdrijven

  1. Spreiden en sluiten van de vingers

 

 

Oefening 16

Rijstoefening

Doel: gevoeligheid van de hand verminderen

  1. Beweeg rustig de hand heen en weer door de bak met rijst
  2. Grijp rustig wat rijst vast en laat het weer los.

Aandachtspunt: voer de oefening rustig uit en forceer de pijn niet.

 

 

Adres hoofdlocatie

Leeuwenstein 8- 10
2627AM Delft
Telefoon: 015-7009731

Adres Nassaulaan

Nassaulaan 2a,
2628GH Delft
Telefoon: 015-7009731